Iemand vroeg mij naar <i>Karma</i>. Hoe kijk jij daar naar? Is karma te combineren met christelijk geloof? Zijn er overeenkomsten? De vraag zette mij aan het denken. Ik was op de hoogte van de gedachte van oorzaak en gevolg achter het begrip karma. Maar de vraag heeft mij uitgedaagd om er verder over na te denken. Wat zijn de overeenkomsten en de verschillen?

<b>Wat is karma?</b>
Karma is een begrip uit het hindoeïsme en het boeddhisme, dat letterlijk vertaald wordt als ‘handeling’, ‘actie’ of ‘daad’. In het dagelijks gebruik bedoelt men er vaak mee dat alles wat we doen, denken of zeggen weer bij ons terugkomt. Karma gaat dan over zowel de daad als over het gevolg dat uit die daad voortkomt. Strikt genomen echter, verwijst karma alleen maar naar het verrichten van daden, niet naar de gevolgen van die daden. Het is de som van iemands daden. Het gevolg van een daad wordt ‘vipāka’ genoemd. Karma en haar gevolg wordt gezien als een natuurlijk principe, een wet van “actie en reactie”.

<b>Vier uitgangspunten</b>
Over <i>karma</i> valt veel te zeggen. Ik wil mij echter beperken tot enkele hoofdlijnen. Wanneer ik mij verdiep in het begrip karma dan kom ik op vier uitgangspunten die de kern van het begrip vormen:

1.) Karma wordt ook wel de wet van oorzaak en gevolg genoemd. Een goede daad heeft van nature gunstige gevolgen voor degene die de handeling verricht, en slechte daden hebben van nature slechte en onplezierige gevolgen.
2.) Karma staat los van een God. Een belangrijk uitgangspunt bij karma is dat er geen God aan het werk is die straft of beloont.
3.) Het resultaat van de daden die men nú doet, kan in dít leven óf in een volgend leven terugkomen. Hetgeen ons overkomt is het resultaat van een actie die we in het huidige of een vorig leven uitgevoerd hebben, en we zijn in staat om nieuwe daden te verrichten die het resultaat van oude daden beïnvloedt.
4.) Ieder individu is door zijn daden zelf verantwoordelijk voor zijn eigen leven, vreugde en pijn. Het gaat om de lessen die de ziel in het menselijke leven heeft te leren. Slechte daden (slecht karma) houden de cyclus van geboorte, ouderdom en dood in stand. Het doel van religie is bevrijding (nirvana) uit die gevaarlijke cyclus (samsara).

In de genoemde uitgangspunten vind ik op sommige punten herkenning. Ook prikkelen ze mij in mijn eigen wijze van geloven. Maar er zijn ook gedachten die vervreemding bij mij opwekken. Ik doe een poging om deze stellingen te bekijken vanuit het christelijk geloof. Daarbij gaat het mij dan niet om het begrip karma te bestrijden maar veel meer om het te duiden vanuit het christelijk geloof en de persoon Jezus Christus.

<b><i>Karma wordt ook wel de wet van oorzaak en gevolg genoemd. Een goede daad heeft van nature gunstige gevolgen voor degene die de handeling verricht, en slechte daden hebben van nature slechte en onplezierige gevolgen.</i></b>

<b><i>Karma staat los van een God. Een belangrijk uitgangspunt bij karma is dat er geen God aan het werk is die straft of beloont.</i></b>
Het idee achter karma sluit niet het bestaan van een God uit maar wel een God die zich direct met het leven bemoeit.

<b><i>Het resultaat van de daden die men nú doet, kan in dít leven óf in een volgend leven terugkomen. Hetgeen ons overkomt is het resultaat van een actie die we in het huidige of een vorig leven uitgevoerd hebben, en we zijn in staat om nieuwe daden te verrichten die het resultaat van oude daden beïnvloedt.</i></b>
Het christelijk geloof heeft als uitgangspunt dat een mens uniek is.

<b><i>Ieder individu is door zijn daden zelf verantwoordelijk voor zijn eigen leven, vreugde en pijn. Het gaat om de lessen die de ziel in het menselijke leven heeft te leren. Slechte daden (slecht karma) houden de cyclus van geboorte, ouderdom en dood in stand. Het doel van religie is bevrijding (nirvana) uit die gevaarlijke cyclus (samsara).</i></b>

Jezus onderwees niet het idee van karma maar van genade. Dit betekent niet dat daden geen negatieve effecten in het leven hebben. Het is alleen geen wetmatigheid. Karma leert dat alleen goede daden beloond worden. Jezus leerde dat door genade ondanks onze gebrokenheid, beperkingen en fouten er toch beloning is. Voor christenen is stemt dit alleen wel tot nadenken. Wanneer wij bijvoorbeeld een ongezonde levenswijze hebben wordt een christen net zo snel ziek als een niet-christen. In die zin is genade niet in te zetten.